Slechte beeldkwaliteit
Beeld is wazig of onscherp
- Zorg ervoor dat de AF-hulplamp aan staat.
- Zorg ervoor dat de AF-hulplamp niet geblokkeerd wordt door uw hand of andere voorwerpen.
- Het onderwerp bevindt zich buiten het scherpstelbereik. Gebruik anders de oneindig-modus om onderwerpen op afstand te fotograferen.
- Het normale bereik is 30 cm.
- De macromodus is van 30-50 cm.
- De digitale macromodus is 3-10 cm.
- Gebruik focusvergrendeling of AF-vergrendeling bij het fotograferen.
Beeld is te donker
- Zet de flitser aan.
- Zet de belichtingscompensatie op positief (+).
- Controleer of het onderwerp buiten het flitsbereik valt.
- Verhoog de ISO-gevoeligheid.
Beeld is te licht
- Controleer of het onderwerp te dichtbij is.
- Zet de belichtingscompensatie op negatief (-).
- Zet de flitser uit.
- Verander de opnamehoek.
Problemen met het LCD-scherm
Ruis op het LCD-scherm
- De camera heeft de foto automatisch aangepast en lichter gemaakt. Dit is niet schadelijk voor de foto.
Lichtbalk verschijnt op het LCD-scherm
- Het beeld is te licht. Dit zal niet zichtbaar zijn op de foto, maar wel op een opgenomen video.
Gebarsten LCD-scherm
- Vervang het LCD-scherm.
LCD-scherm is te donker of te licht
- Een LCD-scherm wordt donkerder in fel zonlicht. Er is geen defect.
- Een LCD-scherm wordt lichter bij weinig licht. Er is geen defect.
Foto's worden niet weergegeven, maar zien er goed uit wanneer ze naar de computer zijn gedownload
Batterijproblemen
Camera werkt niet
- Zorg ervoor dat de aan-/uitknop aan staat.
- Als de camera aan staat, zorg er dan voor dat het klepje van de SD-kaart/batterij gesloten is. De camera werkt niet als dit klepje open staat.
- De camera heeft onvoldoende batterijspanning.
- Als de camera nog steeds niet aangaat, is de batterij mogelijk onvoldoende opgeladen. Plaats een volledig opgeladen batterij en start de camera opnieuw op.
- Gebruik de AC-adapterkit ACK-DC10 (apart verkrijgbaar).
"Change the Battery Pack"-melding op het LCD-scherm
- De batterijlading is onvoldoende om de camera te gebruiken
- Vervang de batterij door een opgeladen exemplaar OF
- Laad de batterij op
De batterij raakt te snel leeg
- De levensduur van de batterij is verstreken als de batterij snel leegloopt bij een normale temperatuur (23°C).
- Vervang de batterij door een nieuwe.
De batterij laadt niet op
- De levensduur van de batterij is verstreken of er is slecht contact tussen de batterij en de batterijlader.
- Vervang de batterij door een nieuwe OF
- Plaats de batterij stevig in de batterijlader (*zorg ervoor dat de stekker van de batterijlader stevig in het stopcontact zit).
Mechanische defecten
Lens trekt niet in
- De lens trekt niet in als het klepje van de SD-kaart/batterij werd geopend terwijl de stroom aan stond. Sluit dit klepje en zet de camera uit.
- Als de lens nog steeds niet intrekt, reset de camera dan naar de fabrieksinstellingen.
- Als het probleem aanhoudt, kan er vuil vastzitten in het lenssysteem. Houd de camera ondersteboven in uw rechterhand en tik met uw linkerhand tegen de onderkant van de camera terwijl u op de aan-/uitknop drukt, of blaas met perslucht in de lens om het vuil te verwijderen.
- Als geen van deze oplossingen werkt, is er mogelijk een ernstig probleem in het lenssysteem dat professionele reparatie vereist.
Zoomfunctie werkt niet
- De zoomfunctie werkt niet in een andere modus dan de standaardmodus. Zorg ervoor dat de camera is ingesteld op standaard
0 opmerkingen