Camera gaat niet aan
Wat je ook probeert, de camera gaat niet aan. Ga hierheen voor het vervangen van de batterijen.
Lege/defecte batterij
Als de camera niet aangaat, vervang de batterijen dan door twee nieuwe AA-batterijen. Zorg dat ze in de juiste richting zijn geplaatst (min/plus in de juiste richting). Zie batterijen vervangen.
Verkeerd batterijtype
Een andere mogelijkheid is dat er een verkeerd type batterij in de camera is geplaatst. Plaats twee gloednieuwe AA-batterijen in de juiste richting. Zie batterijen vervangen.
Batterijen maken geen contact
Mogelijk maken de batterijen geen goed elektrisch contact met de camera. Verwijder de batterijen en veeg de uiteinden af met een schone, droge doek.
Camera maakt geen foto's
Wat je ook probeert, de camera wil geen foto maken.
Camera staat in de afspeelmodus
Zet de camera in de modus voor foto's maken.
Flitser laadt op
Wacht tot de flitser volledig is opgeladen. Probeer op de ontspanknop te drukken wanneer het indicatielamp oranje is.
De geheugenkaart is vol
Verwijder de kaart en zet de foto's op de computer om ruimte op de kaart vrij te maken. Of vervang de volle geheugenkaart door een andere met vrije ruimte.
Geheugenkaart is niet correct geformatteerd
Formatteer de geheugenkaart opnieuw. Als dit niet werkt, vervang hem dan door een nieuwe kaart, omdat deze defect is.
Foto's zijn wazig of niet scherp
Bij het maken van foto's zijn de resultaten slecht.
Camera bewoog tijdens het fotograferen
Houd de camera stil tijdens het fotograferen.
Autofocusfunctie gehinderd door obstructie van het AF-hulplicht
Blokkeer het AF-hulplicht niet met je vinger of een ander object terwijl je een foto maakt.
Object viel buiten het scherpstelbereik van de camera
Zorg voor een afstand van ten minste 20 cm tussen de cameralens en het onderwerp van de foto. Of gebruik de macromodus voor close-ups tussen 5-20 cm van de lens. Zet de camera bij opnamen op afstand in de oneindigmodus.
Onderwerp is onderbelicht (te donker)
Foto's zijn te donker bij het bekijken.
Onvoldoende licht voor het maken van foto's
Zet de flitsfunctie aan.
Onderwerp is donkerder dan de omgeving
Stel de belichtingscompensatie in op een positieve waarde.
Onderwerp is buiten het bereik van de flitser
Bij gebruik van de flitser mag de afstand tussen de lens en het onderwerp niet groter zijn dan 2 m.
Onderwerp is overbelicht (te licht)
Foto's zijn te licht bij het bekijken.
Onderwerp is te dicht bij de flitser
Bij gebruik van de flitser moet de afstand tussen de lens en het onderwerp minimaal 20 cm zijn.
Onderwerp is lichter dan de omgeving
Stel de belichtingscompensatie in op een negatieve waarde.
Licht schijnt of reflecteert in de camera
Pas de camerahoek aan, weg van de zon/lichtbron.
Flitsmodus staat aan
Zet de flitser in een andere modus dan aan.
De flitser gaat niet af
Bij het maken van een foto werkt de flitser niet.
Flitsmodus staat uit
Zet de flitsmodus in een andere stand dan uit.
Handmatige sluiter zit vast
De sluiteropener/-sluiter zit vast.
Sluiter zit simpelweg vast
Beweeg het voorzichtig in de hoop dat de vastzittende onderdelen loskomen.
Sluiterbevestiging is kapot
Vervang de sluiterbevestiging. Zie de handleiding voor het vervangen van de sluiter.
LCD-scherm werkt niet
LCD-scherm geeft niet correct weer wanneer ingeschakeld. Ga hierheen voor het vervangen van het LCD-scherm.
LCD-scherm is kapot
Vervang het LCD-scherm. Zie de handleiding voor het vervangen van het LCD-scherm.
0 opmerkingen